Blokstelsels

Relaisblokstelsel III

Algemeen

Het blokstelsel III is uitgevonden voor dubbelsporige baanvakken eind negentiende eeuw. Met de komst van stelknoptoestellen stond de blokkast een beetje in de weg. En vaak werd deze er los neergezet en nam dus extra ruimte in. De relaistechniek deed langzaam haar intrede en werd gezocht naar een schakeling in de relaistechniek. Dit resulteerde in relaisblokstelsel III.
In plaats van bloksloten kwamen er relais met meldvenstertjes. In plaats van venstertjes was er ook sprake van een uitvoering met lampjes. Dit omdat in sommige gevallen de relais in een andere kast zaten. Dit kwam o.a. voor bij Bauman-toestellen.


Het kastje met de venstertjes van het relaisblokstelsel III richting Amsterdam Muiderpoort in post T Amsterdam Amstel d.d. 13 augustus 1975.
(Foto: W. Vos)



De kast met de venstertjes van de diverse relaisblokstelsels in post T Amsterdam Muiderpoort d.d. 13 augustus 1975.
(Foto W. Vos)




Relaisblokstelsel III met lampjes in post V Watergraafsmeer d.d. 28 september 1981.
(Foto: W. Vos)



Relaisblokstelsel III met lampjes in post T Watergraafsmeer d.d. 10 oktober 1980.
(Foto: J.G.C. van de Meene)



Het kastje met de venstertjes en de knoppen t.b.v. het relaisblokstel III richting Amsterdam CS.
(Foto: W. Vos)
Dit kastje is afkomstig uit post I Rietlanden.




Relaisblokstelsel III



Koppeling.

Het relaisblokstelsel III was bedoeld voor seinhuizen waarin stelknop- en Bauman toestellen waren geplaatst. Toch kwam de combinatie van conventioneel bloktoestel met relaisblokstelsel III ook voor.
De koppeling met VES en Bauman toestellen vond plaats d.m.v relaiscontacten in de sperren van de seinknoppen. De koppeling met bloktoestellen was meestal via een contact in het blokvenster welke zelf ontblokt werd of via een sper op de as van het krukje.

Onderdelen

Het relaisblokstelsel III had vaste onderdelen. Een aantal kwam met benaming en funtie overeen met blokstelsel III. We zien de volgende onderdelen:
Relaisblokstelsel III met venstertjes in vogelvlucht.
Stap 1
Tekening kan niet gevonden worden.
Stap 2
Tekening kan niet gevonden worden.
Stap 3
Tekening kan niet gevonden worden.
Stap 4
Tekening kan niet gevonden worden.
Stap 5
Tekening kan niet gevonden worden.
Stap 6
Tekening kan niet gevonden worden.
Stap 7
Tekening kan niet gevonden worden.

Verloop relaisblokstelsel III

De bovenstaande plaatjes geven visueel weer hoe het blokstelsel werkt. Hieronder staat kort omschreven in stappen hoe het in z'n werk gaat.
Als voorbeeld nemen we een trein die van station A naar station B wil rijden.
  1. Toestellen in de normale stand
  2. Station A wekt station B;
  3. B geeft het blokvrij door op de knop "Ontblok A" te drukken. Bij A worden wit: "Blok naar A" en rood "Trein van ...". Bij B worden wit "Voorbijgang bij A" en "Ontbl. A" en rood "Trein van ...";
  4. A verricht de handelingen die nodig zijn om het uitrijsein A te bedienen zodat de trein naar B kan vertrekken;
  5. Achter de trein legt A het uitrijsein B terug en wekt B dat de trein onderweg is. De trein blokt zichzelf waardoor bij A rood wordt: "Blok naar B". Bij B wordt rood: "Voorbijgang bij A"".
    Station B verricht de handelingen voor het binnen nemen van de trein en het bedienen van het inrijsein B;
  6. De trein rijdt station B binnen.
  7. De trein is aangekomen in station B en blokt zichzelf binnen.
    Bij A en B worden de venstertjes "Trein van ..." weer wit.
    Station B brengt het inrijsein terug in de stand stop. Bij B wordt rood: "Ontblok A".

    Het blokstelsel is weer in de normale stand.
Slot

Het relaisblokstelsel III is veel toegepast op baanvakken in de omgeving van Amsterdam en Haarlem.


Terug naar Home Terug naar Uitleg